Voorlichting

Onze lichaamstemperatuur schommelt onder normale omstandigheden rond de 37 graden celsius.

Door een inspanning te leveren stijgt onze lichaamstemperatuur, als gevolg van de verbranding in de spieren. Tot 80 procent van de geleverde energie gaat in warmte op. Het lichaam zal deze warmte afvoeren via bloedcirculatie, ventilatie en transpiratie van het lichaam.

Een atleet heeft baat bij een goede temperatuurregulatie van het lichaam. Door goede temperatuur regulatie kan de kerntemperatuur bij inspanning laag blijven (bijv 38 graden) waardoor de prestatie van de atleet verbetert. Een optimale temperatuur regulatie kan wel tot 15% prestatie verbetering leiden.

Er wordt veel onderzoek gedaan naar de temperatuurhuishouding van het lichaam tijdens inspanning onder verschillende omstandigheden, zoals de buitentemperatuur en luchtvochtigheid en de prestatie die onder die omstandigheden geleverd kan worden. Goede koeling strategieën zijn dan van groot belang om de optimale temperatuur te vinden voor de maximale prestatie.

Naast het optimaliseren van de lichaamstemperatuur komt het ook voor dat onze kern temperatuur oploopt tot waarden boven de 40 graden celsius.

Er is sprake van een Inspanningsgebonden hyperthermie als de kerntemperatuur van het lichaam door de inspanning boven de 40 graden celsius stijgt. Gezonde atleten, en ook militairen kunnen tijdens intensieve inspanning hypertherm worden.

Op zich is er dan nog niets aan de hand en bij wedstrijden over 15 km, zoals de Zevenheuvelenloop wordt maar liefst 15% van de atleten hypertherm, zonder verdere gevolgen. Zie het grafiekje hieronder.

Als er echter andere factoren in het spel zijn, zoals een hoge buiten temperatuur en slechte vochtbalans of andere zgn intrinsieke of extrinsieke factoren, dan kunnen hittegerelateerde aandoeningen opspelen:

We onderscheiden dan:

Hittekramp:

Een veel voorkomende hitte-aandoening is kramp. Dit zijn pijnlijke samentrekkingen van de spieren, meestal de kuitspier. Dit is het gevolg van extreem vochtverlies en onvoldoende drinken, waardoor de balans tussen de zouten in de lichaamscellen (natrium, kalium, calcium) verstoord raakt.

Behandeling:

De kramp verdwijnt als er weer een juiste balans is. Drinken is dan vaak de beste remedie. Eventueel kan een spier worden gestretcht en gekoeld.

Hitte-uitputting:

Een vorm van uitputting door vocht- en/of zoutverlies, waarbij het lichaam meer warmte vasthoudt dan het kwijtraakt. Dat kan als de vochtigheidsgraad van de lucht hoog is en geen goede ventilerende kleding wordt gedragen. Hitte-uitputting geeft een griepachtig beeld. Het slachtoffer heeft hoofdpijn en is misselijk en heeft een koele huid door hevig zweten. Vaak zwalkt de atleet over het parcours ten teken van beginnende bewustzijns problemen. Hitte-uitputting kan overgaan in een hitteberoerte.

Behandeling:

Leg de atleet in een koele omgeving, in de schaduw op de grond . Benen iets omhoog , kleding uit of open, vocht toedienen en koelen. Meet de temperatuur rektaal en hou de atleet goed in de gaten. (ABCDE). Verliest de persoon het bewustzijn, bel direkt 112

Hitteberoerte:


Een inspanningsgebonden hitteberoerte (ook wel heatstroke genoemd) is een ernstige vorm van hitte-uitputting, waarbij er weefselschade optreedt. Een hitteberoerte gaat vaak gepaard met stuiptrekkingen en bewustzijnsverlies.
Een hitteberoerte is een zeer ernstig hitteletsel, wat bij niet of te laat ingrijpen in korte tijd tot de dood kan leiden. Vroegtijdige herkenning en behandeling door snel en agressief te koelen is van groot belang.

Herkennen van een hitteberoerte

Hoe herken je een hitteberoerte. Dat is best lastig. Zelf herkennen, als hardloper, dan kunnen verschillenden symptomen een voorbode van een hitteberoerte zijn. Deze symptomen zijn soms van fysieke aard, zoals kramp, bleke huid, tintelende vingers, ophouden met zweten. Deze symptomen kan je redelijkerwijs herkennen, maar soms treden deze niet op of ben je er in het heetst van de strijd niet gevoelig voor. De andere symptomen zijn van neurologische aard, zoals zwalken, niet meer goed aanspreekbaar zijn, sterretjes zien, tunnelvisie. Vaak realiseer je je als atleet zelf niet meer dat deze symptomen optreden en dan is het belangrijk dat medelopers of publiek of verzorgers deze signalen oppikken en de diagnose stellen. Maar soms treed geen een van deze symptomen op en is het ineens over en raak je buiten bewustzijn. Als de temperatuur dan boven de 40 graden is en er is sprake van neurologische disfunctie, dan heb je te maken met een inspanningsgebonden (door de inspanning veroorzaakte) hitteberoerte of heatstroke.

De behandeling van een hitteberoerte

Raakt een atleet door de inspanning in een hitteberoerte, dan is het noodzakelijk om deze persoon zo snel mogelijk agressief te koelen om de weefselschade die door de oververhitting wordt toegebracht te stoppen. Bel in dit geval altijd 112 en hanteer de ABCDE methode en bij het constateren dat de rektaalgemeten temperatuur boven de 40 grade ligt en het hart nog wel functioneert, dan is koelen met de voorhanden zijnde middelen de opdracht. Leg de atleet op een koele schaduwrijk plek en begin dan de behandeling. De verschillende koelmogelijkheden hebben hun verschillende koel coëfficiënten uitgedrukt in aantal graden per minuut. De beste methode om een oververhit persoon te koelen is het koelbad. De koel coëfficiënt ligt hier op 0,2 tot 0,3 graad celsius daling per minuut. Andere koel methoden, zoals coldpacks hebben een erg lage koel coëfficiënt en zijn dus niet erg effectief. Koud stromend water uit de kraan of tuinslang of water uit de sloot heeft dan een beter effect. Maar weet dat alle beetjes helpen en snel beginnen is het halve werk. Het stapelen van de koel methoden mag.
Twijfel je of de temperatuur boven de 40 graden is omdat je bijvoorbeeld in eerste instantie snel met een oorthermometer meet, koel dan toch, het kan nooit kwaad als de persoon een flinke inspanning heeft geleverd en neurologische disfunctie vertoont en het niet ijskoud is.
Zorg er wel voor dat je bij het koelen rektaal kunt meten en dat je de afkoeling stopt zodra de temperatuur van de atleet onder de 38.9 graden is gezakt. (Vuistregel is 1 graad daling van de kerntemperatuur per 5 minuten). Goede klinische observatie is natuurlijk altijd geboden.

Een onderzoek naar de koel coëfficiënten van de verschillende koel methoden levert het volgende overzicht op, waaruit blijkt dat de beste koelcoefficient wordt gerealiseerd door het onderdompelen in een ijskoud koelbad. Lang niet overal zal een ijsbad voorhanden zijn en dan zijn mobiele koelmethoden second best, zoals koude natte handoeken of een zeil waar de atleet in wordt gelegd en waar water over uitgestort wordt. Coldpacks of een fan kunnen ook gebruikt worden, maar hebben een zeer kleine koelcoefficient.


Koelen door onderdompeling oftewel Cold Water Immersion is de beste koelmethode.
De overlevingskans is omgekeerd evenredig met de tijd die het duurt om een oververhitte atleet tot 38,9 graad celsius terug te koelen.

Het koelen in het koelbad. Cold Water Immersion

Deze methode bestaat uit het onderdompelen van de atleet in een bad met een temperatuur van 5-10 graden celsius, net zolang totdat de atleet zijn (rektaal gemeten) temperatuur onder de 38,9 graden is). Op die manier wordt de heatstroke het snelst gestopt en wordt de schade in het lichaam tot een minimum beperkt en is het herstel van de atleet van de heatstroke erg gunstig in vergelijking met de andere koelmethoden, waar het proces van denaturatie van cellen en rhabdomyolise langer door kan gaan.

Cold Water Immersion

Een landelijk protocol is ontwikkeld door de werkgroep Hardlopen en Hyperthermie dat gehanteerd wordt om op een verantwoorde manier de hitteberoerte te behandelen met gebruikmaking van het koelbad (Cold Water Immersion).

Het klinische onderscheid tussen de diverse hittegerelateerde aandoeningen wordt door National Athletic Trainers’ Association position statement on Exertional Heat Illnesses in het Journal of Athletic Training uit 2015 goed weergegeven in het volgende overzicht:

Factoren die de temperatuurregulatie van het lichaam kunnen beïnvloeden vallen uiteen in 2 categorien, de extrinsieke factoren, factoren van buiten het lichaam en intrinsieke factoren, factoren die vanuit het lichaam de temperatuurregulatie beïnvloeden. De volgende tabel uit het Artikel National Athletic Trainers’ Association position statement on Exertional Heat Illnesses in het Journal of Athletic Training uit 2015 geeft een overzicht van de meest bekende factoren:

De Extrinsieke factoren (factoren die van buitenaf op het individu van invloed zijn op het ontwikkelen van een heatstroke) zijn:

  • Omgevingstemperatuur (Heatstrokes kunnen voorkomen vanaf een Wet Bulb Globe Temperature boven de 15 graden Celsius, het aantal heatstrokes stijgt exponentieel boven de 18 graden, vooral bij 10 mile runs en halve marathons )
  • Kleding (te warm gekleed)
  • Peer pressure (aanmoediging van teamgenoten of publiek)
  • Weinig rust gunnen of gegund worden
  • Geen toegang tot vocht voor en tijdens race
  • Gebrek aan kennis omtrent fenomeen heatstroke bij loper, begeleiding, organisator en zorgverlener
  • Niet op tijd herkennen van symptomen en gebrek aan behandelplan (uit de race nemen in de koelte brengen) en middelen (zoals koelvoorzieningen)

De Intrinsieke factoren (factoren die vanuit het individu van invloed zijn op het ontwikkelen van een heatstroke) zijn:

  • Leveren van grote inspanning Vooral als gedurende 1 uur tot 2 uur op topvermogen wordt gepresteerd. De meeste heatstrokes komen voor bij de 10 km, 15 km, 10 miles of halve marathons. Men loopt deze afstanden op een hoog vermogen en met weinig tijd/aandacht voor de vochtbalans.
  • Dehydratie Wordt er niet genoeg voor of tijdens de run gedronken, dan raakt de vochtbalans verstoord en de koeling van het lichaam komt dan in gevaar. (Nnet als een lege radiator van een auto..)
  • Hogere hartslag Bij dezelfde inspanning (bijv als men op hetzelfde tempo loopt), wat kan duiden op een onderliggende griep of ontsteking of gewoon niet helemaal 100 procent, wat ongemerkt een hoger vermogen van het lichaam vereist om dezelfde prestatie te kunnen leveren,wat uiteindelijk het risico op een heatstroke vergroot.
  • Leeftijd (omgekeerd gecorreleerd), Vaak zijn de jongen atleten slachtoffer van een heatstroke. Zij zijn gemotiveerd om een topprestatie te leveren, en lopen daarom op maximaal vermogen. Kunnen ze de warmte niet goed kwijt, dan verhoogt dit het risico op heatstroke.
  • Gebrekkige acclimatisering. Acclimatiseren zorgt ervoor dat ons vaatstelsel zich instelt op de weersomstandigheden waar de prestatie geleverd moet worden. Men kan na kan enkele dagen tot enkele weken geacclimatiseerd zijn.
  • Slaaptekort, Stress. Te weinig slaap en stress op het werk zijn factoren die bij kunnen dragen tot een heatstroke
  • Gebruik medicatie, huid problemen. Bepaalde medicatie zoals anti-histamines, diuretics, bloeddrukverlagers en ADHD drugs etc kunnen bijdragen aan het ontwikkelen van een heatstroke. Heeft men huidproblemen, waardoor goed transpireren onmogelijk is, dan vergroot dat ook het risico op een heatstroke.
  • Signalen onderdrukken. Signalen die kunnen duiden op het ontwikkelen van een heatstroke, zoals kramp, zwalken, overmatig zweten (gevolgd door niet meer zweten als de vochtbalans compleet verstoord is), niet meer goed kunnen denken, horen of praten (het gevoel dat je in een tunnel loopt..), bleke huid etc, moeten serieus genomen worden, het zijn allemaal indicatoren voor een opkomende heatstroke
  • Body Mass Index/Obesitas Een atleet met een hoge BMI zal in de meeste gevallen meer vermogen moeten leveren om een dezelfde prestatie te leveren als iemand met een lagere BMI, waardoor de kerntemperatuur bij verder gelijke omstandigheden hoger zal zijn voor de atleet met een hoge BMI.
  • Slechte/matige fysieke fitheid Ben je niet goed getraind, of heb je om andere redenen een slechte fysieke fitheid, dan is de kans op een heatstroke groter als dezelfde prestatie gevraagd wordt.
  • Recente/actuele ziekte/koorts Heb je een griep gehad de laatste 2 weken of koorts of heb je een keel ontsteking, dan loop je een hoger risico op een heatstroke. Ga in die gevallen niet sporten
  • Sterke Stijging Tkern tijdens warming-up Als tijdens de warming up de kerntemperatuur sterk stijgt, dan is de kans op een hoge kerntemperatuur, boven de 40 graden na afloop van een 15 km run groter als bij een atleet waarbij de kerntemeratuur tijdens de warming up niet zo sterk stijgt.
  • Eerder gemeten maximale Tkern Heb je eerder een hoge kerntemperatuur ontwikkeld (bijv 40 graden na een 15 km run) dan zal je dat een volgende keer waarschijnlijk ook krijgen.
  • Genetisch factoren (dit is onderwerp van onderzoek) Hierover is op dit moment niet veel bekend.

De kerntemperatuur is een resultante van al deze factoren. Het kunnen meten en volgen van de kerntemperatuur is dus van groot belang om tijdig te signaleren dat een kritische grens wordt bereikt waarboven een hitteberoerte op de loer ligt en de inspanning gestopt moet worden.

Het meten van de Lichaams temperatuur

Er zijn vele methoden om de temperatuur van het lichaam te meten.:
Oesofagaal is de gouden standaard (de kerntemperatuur gemeten onder in de slokdarm) Deze methode is in het veld niet praktisch toepasbaar.

Rektaal, de bekende methode, loopt iets achter op de kerntemperatuur, maar is een betrouwbare manier om de kerntemperatuur van een atleet te meten om te beoordelen of er sprake is van een hitteberoerte.

Intestinaal, met een sensor die ingeslikt wordt en die in de darmen (niet in de maag) de kerntemperatuur continue kan meten.

Timpanometrie: Oorthermometer, waarmee snel een eerste indruk van de kerntemperatuur kan worden verkregen, deze is echter onbetrouwbaar bij het meten buiten van een atleet, daar kan soms wel 2 graden verschil zitten tussen kerntemperatuur en de gemeten oortemperatuur. Meet als je niets anders hebt beide oren en tel al gauw 2 graden op bij de gemeten waarde. Dus meet je 39 graden, dan kan de kerntemperatuur wellicht 41 graden zijn. Meet je 35 graden, dan zal de kerntemperatuur waarschijnlijk niet boven de 40 graden zijn. Maar toch, vertoont de loper verschijnselen van een oververhitting, (bewustzijnsverlies ed) ga dan door en meet de rektale temperatuur.

Oraal: Het meten van de temperatuur in de mond wordt beïnvloed door de ademhaling en buitenlucht en is ook niet betrouwbaar om de kerntemperatuur in te kunnen schatten.

Om continue tijdens een hardloopwedstrijd of tijdens een inspanningstest de kerntemperatuur te kunnen meten heeft myTemp een temperatuur capsule ontwikkeld waarmee het mogelijk is om de kerntemperatuur continue te monitoren. De inslikbare capsule meet de kerntemperatuur in de darmen van de atleet. Via een reader wordt elke 10 seconde deze temperatuur uitgelezen. Via een BLE (bluetooth low energy) verbinding kan op de smartphone de temperatuur op het scherm vertoond worden.

myTemp metingen kunnen worden gecombineerd met de andere metingen tijdens een inspanning, zoals de hartslag, snelheid en afstand.

Door dit op verschillende momenten onder veranderende omstandigheden te meten, krijgt de atleet een beeld van zijn temperatuurregulatie. Net als de hartslag die de atleet na een aantal keren afgelezen te hebben ook kan aanvoelen, inschatten zonder op de smartwatch te kijken, zo leert de atleet een gevoel te krijgen voor de opgebouwde lichaamstemperatuur.

Uit onderzoek is gebleken dat bij een lagere kerntemperatuur, de prestatie die een atleet kan leveren wel tot 10 procent hoger kan liggen. Het is dan ook van belang om continu de kerntemperatuur te kunnen meten om de optimale temperatuur te vinden, waarbij een maximale prestatie geleverd kan worden. De atleten kunnen dan hun koel strategieën aanpassen om dicht bij deze optimale temperatuur te blijven.

Een voorbeeld van de gemeten temperatuur tijdens het hardlopen wordt in de volgende grafiek weergegeven. In deze samengestelde grafiek wordt de kerntemperatuur (geel) en de andere hardloopparameters afstand (groen) en snelheid (blauw) en de hartslag (rood) in de tijd afgebeeld.

Het betreft een loop over 11 kilometer met een stop na het opwarmen op ruim 2 km en een korte stop op 7,5 km na een kort sprintje. De temperatuur loopt op tot 39,3 graden en stabiliseert rond dat nivo bij de geleverde inspanning. De buitenlucht was 8 graden celsius.

Wilt u meer informatie over deze temperatuurmetingen en zoudt u zelf een grafiek van uw eigen temperatuurhuishouding bij inspanning willen maken, neem dan contact met ons op. https://hardlopenenhyperthermie.org/contact/